Recente berichten

Pagina's: [1] 2 3 ... 10
1
KL / Training amo
« Laatste bericht door mikevth Gepost op Vandaag om 12:02 am »
Goedendag allemaal,

Vorige week ben ik officieel goed geerd op all onderdelen waar ze mij op wouden keuring, heb ik gehoord waar en wanneer ik mag opkomen voor mijn AMO. 8 januari in Oirschot. Ik ben aangenomen als Soldaat Genie (cluster 5) , nu wil ik daar natuurlijk een beetje goed voor de dag komen alleen heb ik geen trainigsschema gekregen en zijn deze eigenlijk ook niet te vinden op het web. Mijn vraag is of iemand mss een schema heeft of voor mij een beetje globaal uit weet te stippelen wat erg belangenrijk is om te trainen.

Groeten,

Mike
2
KL / Contacten verbindingsdienst Landmacht
« Laatste bericht door JustRosalyn Gepost op 17/10/2017 | 14:36 uur »
Hoi allemaal,
Mijn naam is Rosalyn en ik ben 16 jaar. Wanneer ik klaar ben met mijn VWO wil ik solliciteren op de functie van Officier ICT bij de Landmacht.
Dit jaar moet ik voor school een meeloopdag organiseren waarbij ik een dag meeloop met een beroep dat ik later zou willen uitoefenen. Hiervoor heb ik al bij verschillende mensen aangeklopt en ook via de werkenbijdefensie website, waar ik mijn antwoord al heb, dat het niet kan.
Ik ben ervan overtuigd dat dit wel mogelijk is als je maar de juiste contacten hebt.

Is er iemand met tips of contacten binnen de verbindingsdienst, die zou willen helpen met het realiseren van deze meelopdag?
Er hoeft niet speciaal wat te worden georganiseerd, ik wil gewoon graag een dag meelopen en meekijken naar de werkzaamheden van de verbindingsdienst.

Met Vriendelijke Groet,
Rosalyn. ;)
3
KL / AAC gesprek Onderofficier
« Laatste bericht door Joost1992 Gepost op 09/10/2017 | 18:21 uur »
He allen,

Ik heb binnenkort mijn AAC gesprek in Ermelo voor een onderofficiers functie.
Hebben jullie nog tips voor mij waar ik rekening mee kan/moet houden?

Iemand die mij kan uitleggen wat de werkzaamheden zijn van onderofficier ICT.
Wat is de groep grote?  ( hoeveel manschappen heb je onder je gezag )

Alle overige info is natuurlijk ook welkom ik wil mij zo goed mogelijk voorbereiden natuurlijk  :big-smile:
4
Op https://www.defensie.nl/onderwerpen/personeelszorg/downloads/brochures/2017/08/01/militairen-fase-1-einde-aanstelling "Leidraad dienstverlating" lees ik dat de Defensie nog strenger is geworden als het om het inleveren van militaire kleding gaat. Ik lees in het hoofdstuk PGU/Bedrijfskleding het volgende:

Citaat
Let op!
Wij vragen u om bij de inlevering van u PGU rekening te houden met onderstaande:
Door de toenemende dreiging in de wereld is het noodzakelijk om ons veiligheidsbewustzijn op te schroeven. Het is niet wenselijk dat militaire kleding en uitrusting gebruikt wordt voor criminele of terroristische doeleinden. Om hier als Defensie gehoor aan te geven is het noodzakelijk dat we de gecontroleerde retourstroom uitbreiden naar alle gebruikte en niet-gebruikte militaire kleding en uitrusting.

Ook op https://www.vbm.info/overleg/defensie/item/2794-defensie-verkoopt-pallets-vol-ingeleverde-pgu-op-veilingsite.html "Defensie verkoopt ingeleverde PGU op veilingsite" lees ik een bericht van deze strekking:

Citaat
Iedere militair heeft bericht gehad over het ‘intensiveren’ van het inleveren van kleding en uitrusting. Defensie wil dat iedereen oude en overtollige (bedrijfs)kleding en -uitrusting inlevert bij de ‘Aangewezen Functionaris’ (AF).

Ook alle kleding en uitrusting die niet op de kleedlijst staat, en die men niet meer gebruikt, moet worden ingeleverd. Dit geldt ook voor eerder verstrekte kleding voor bijvoorbeeld missies. De PGU/PSU moet worden ingeleverd in een door de AF ter beschikking gestelde pallet. Andere inleverpunten mogen niet meer bestaan.

KPU wil dus het retoursysteem zodanig inregelen, dat goederen die hergebruikt kunnen worden, worden gerecycled. Daarnaast wil men voorkomen dat defensie-artikelen in containers worden gegooid en vervolgens op de markt terecht komen en mogelijk in verkeerde handen vallen …

Op http://www.rwsleefomgeving.nl/publish/pages/105427/optimalisatie_retourstroom_bedrijfskleding_defensie.pdf "Optimalisatie retourstroom bedrijfskleding Defensie" op pagina 24 daarover het volgende:

Citaat
De sortering voor Domeinen heeft een grote maatschappelijke waarde, doordat veel van de items via dumpstores en webwinkels opnieuw worden verkocht. Dit zorgt voor werkgelegenheid en creëert een toegevoegde waarde. De omvang van de toegevoegde waarde is niet exact aan te geven omdat omzetcijfers ontbreken, maar zal naar schatting enkele miljoenen euro’s bedragen en voor enkele
10-tallen mensen werkgelegenheid geven.

De keerzijde is echter dat de items uit het zicht van Defensie opnieuw worden gebruikt en het niet duidelijk is waar deze kleding blijft. Met de instabiele situatie in de wereld en jongeren die vanuit West-Europa naar conflictgebieden afreizen, is het zeker niet uitgesloten dat kleding van Defensie via Domeinen en dumpshops in oorlogsgebieden wordt ingezet. De wenselijkheid hiervan zal door Defensie moeten worden afgewogen en op grond hiervan zal Defensie de afweging moeten maken in hoeverre militaire kleding nog via Domeinen afgevoerd kan/mag worden.

Recentelijk (september 2014) is dit nog actueler geworden. Militairen hebben het dienstbevel gekregen dat ze naar aanleiding van terroristische dreiging niet meer in militaire kleding met het openbaar vervoer mogen reizen. Burgers in militaire kleding zouden eveneens slachtoffer van terroristisch geweld kunnen worden. Daarom zou verkoop van militaire kleding via Domeinen tenminste tijdelijk gestopt moeten worden.

Alternatieven voor de liefhebber van militaire kleding en/of sympathisant van de krijgsmacht:

Dus dat betekent dat je, als liefhebber van militaire kleding en/of sympathisant van de krijgsmacht, in dumpzaken en op Marktplaats helemaal geen gevechts- en werkkleding (Boordtenue KM, Veldtenue Kmar) van onze defensie meer zult kunnen vinden, dit is nu in toenemende mate al het geval sinds de opkomst van IS en aanslagen gepleegd door IS in 2014. Het strenge inleverbeleid van gevechts- en werkkleding is ook wel logisch en terecht overigens, gezien de dreiging van IS en ander islamitisch terrorisme. Je moet er namelijk echt niet aan denken dat Jihadisten in gevechtstenue van de Koninklijke Landmacht, verkregen via Marktplaats/dumpzaak, afreizen naar conflictgebieden en daar zich voordoen als Nederlandse militairen op missie, of dat ongewenste personen zich in militaire kleding van de defensie gaan verkleden om zo stiekem op kazernes of op het marineterrein in Den Helder terroristische of criminele activiteiten te verrichten!

In vervolg betekent dit dat je als sympathisant van de Koninklijke Landmacht en van het Korps Mariniers je dan steeds meer aangewezen bent op generieke camouflagetenues die door merken als Fostex, 5.11 Tactical, e.d. geleverd worden. Deze zijn te vinden in diverse dumpzaken die zich stilaan transformeren tot outdoorwinkels. Als sympathisant van de Koninklijke Marine ben je dan aangewezen op generieke marineblauwe Boordtenue-achtige werkkleding (werkblouse en werkbroek) die je bij vrijwel iedere bedrijfskledingwinkel aan kunt schaffen.

Gevechts- en militaire werkkleding strippen om toch eventueel op de markt te kunnen brengen:

Wanneer afgedankte donkerblauwe BT-jasjes (Jack Basis BT) van de Koninklijke Marine en afgedankte donkerblauwe overhemden van de Koninklijke Marechaussee bij de retourinname ontdaan zouden worden van alle logo's, straatnamen als 'Koninklijke Marine' dan wel 'Koninklijke Marechaussee', Nederlandse Vlag en van alle klittenbandstroken, zouden zij dan wel  via dumpzaken/Marktplaats op de markt gebracht kunnen worden? Want na het ontdaan zijn van alle logo's en van alle namen van krijgsmachtonderdelen zijn die naar mijn mening niet meer als zodanig herkenbaar als zijnde van de Koninklijke Marine en de Koninklijke Marechaussee. Dan zouden zij ook geschikt kunnen zijn om als werkkleding te gebruiken bij klussen in huis en tuin.  Bij het GVT van de Koninklijke Land- en Luchtmacht en het Korps Mariniers is dat uiteraard onmogelijk vanwege de diverse camouflagepatronen (Woodland, Jungle, Desert), of zij moeten dan geheel overgeverfd worden in zwart of donkerblauw, waardoor het camouflagepatroon dan niet meer zichtbaar is.
5
Historie / Peruvian Navy decommissions ex HNMLS De Ruyter
« Laatste bericht door Thomasen Gepost op 27/09/2017 | 18:51 uur »
Peruvian Navy decommissions ‘Almirante Grau’, picks frigate ‘Montero’ as new flagship

The Peruvian Navy decommissioned its long-time flagship B.A.P. Almirante Grau after 45 years of service during a ceremony on September 26.

B.A.P. Almirante Grau was replaced as fleet flagship by B.A.P. Montero, a Carvajal-class frigate built by Servicio Industrial de la Marina (SIMA) and commissioned into the navy in 1984.

On the occasion, B.A.P. Montero was renamed to B.A.P. Almirante Grau as flagships of the Peruvian Navy bear the name of famous Peruvian Admiral Miguel Grau Seminario.

During the ceremony, the Peruvian Navy flag was lowered for the last time from the previous B.A.P. Almirante Grau, a former Dutch Navy De Zeven Provinciën-class cruiser bought by Peru in 1973. Before starting service in the Peruvian Navy, B.A.P. Almirante Grau was known as HNLMS De Ruyter (C801) and was commissioned into the Dutch Navy in 1953.

The former B.A.P. Almirante Grau was also the world’s last gun cruiser in active service.

6
Historie / Landing Scicilie
« Laatste bericht door walter leever Gepost op 25/09/2017 | 15:00 uur »
Leuk stukkie historie,weet niet of dit bekend is/was.  ;)

Opa,ook marinier,zoals al gezegd ik kom uit een mariniersfamilie,overleden, (H.P.Leever)was erbij(Flores) en is ervoor onderscheiden(Bronzen Kruis)de geallieerden waren er danig van onder de indruk wat deze twee kanonneerboten deden.

The Terrible Twins

During the war, many, often somewhat romanticized, newspaper articles were written about courage under fire. An especially interesting subject for reporters were the exploits of the navies in exile, and the Royal Netherlands Navy was no exception. The following article is from the newspaper "Voice of the Netherlands", dated August 7, 1943 [1]. The gunboats, or better sloops, in question are the Flores and Soemba, which became known in the Royal Navy as the "Terrible Twins".

A special correspondent in the Mediterranean emphases the part which ships of the Dutch Navy are playing in the operations off Sicily.

The First official announcement of their presence was contained in General Eisenhower's communiqué of July 10th. Then came the story of the Dutch gunboat, which silenced shore batteries during the landings. As the Allies disembarked in a small bay they found that certain shore guns had managed to get the range of the beach and were causing considerable trouble. The Dutch gunboat closed in to less than a mile off shore and put the batteries out of action with a few well-placed broadsides.

The short official information is amplified by the special correspondent who cables: "Squat, camouflaged fighting ships of the Royal Netherlands Navy are playing a considerable part in the operations off Sicily. Two gunboats in particular have been bombarding enemy gun positions and troop concentrations on the eastern beaches, non-stop day and night, since the start of the invasion.

"Like terriers chasing rats, they refuse to leave them alone. They pour in shells so fiercely and with such grim determination that it is no exaggeration to say that they steam up and down the coast leaving a long snaking trail of empty, cordite-blackened shell cases floating astern. They show complete disregard for personal danger and never miss an opportunity to bombard at close range."

The two gunboats' exploits made one British gunnery officer say: "It is fantastic how these little ships sail in to attack with the Netherlands Ensign flying cockily at the masthead. Their gunnery officer, dressed in khaki, unconcernedly stands on the bridge, calmly surveying the coastline.

"In the early stages of the campaign the Dutch gunboats took on eight strong Axis batteries on the top of a hill. The boats dashed in, and in an incredibly short while secured direct hits on three of the shore batteries. They killed the gun crews, and when our forward troops reached the position they found the five other batteries abandoned." At one stage of the land battle for the Catania plain the Germans, harassed and confused by the Navy' s persistent sea bombardment, brought up an enormous gun and started a terrific barrage, throwing up gigantic columns of water. The Dutch gunboats were completely outranged, but they overcame that by rushing in, firing salvos all the time, and then twisting and turning out again, only to repeat the manoeuvre.

Another British officer said: "These Dutchmen have the right fighting spirit. Nothing will stop them, and they won't cease firing. The only rest they had during the nights of unceasing bombardments was when they ran out of ammunition, and then they returned, reshelled and refuelled, and were off again. They will take on anything. Last Friday, when we knew them to be some distance away, they came rushing in at the sound of firing and went full speed ahead into the fray. Their shells roared overhead, straddling us. We could not make out where the firing came from until someone said 'It 's those damned Dutchmen again; you can't keep them out of anything!' And he was right.

[1]: The "Voice of the Netherlands" was first published in August 1941, and last in September 1946.
7
Op https://nos.nl/artikel/2194136-altijd-verklaring-gedrag-nodig-bij-werken-op-defensielocatie.html "Altijd verklaring gedrag nodig bij werken op defensielocatie".

Citaat
Iedereen die aan het werk is op een militaire basis of kazerne moet voortaan een verklaring omtrent het gedrag (vog) hebben. Ook extern personeel en uitzendkrachten moeten zo'n verklaring kunnen overleggen.
8
Vakbonden Algemeen / Defensiepersoneel belegert eigen Ministerie
« Laatste bericht door -Peter- Gepost op 12/09/2017 | 21:31 uur »
Actievoerend defensiepersoneel gaat vrijdag 15 september het Ministerie van Defensie in Den Haag belegeren. Het defensiepersoneel voert actie voor een rechtvaardig arbeidsvoorwaardenakkoord defensie (Defensie CAO) en een voor haar taak berekende krijgsmacht. De huidige CAO liep op 1 maart 2013 af.

De actie wordt georganiseerd door de gezamenlijke defensiecentrales (vakbonden). Om 10.30 uur verzamelen militairen en burger defensiemedewerkers op het Plein in Den Haag. Vanaf 11.15 tot 12.45 uur worden alle ingangen van het Ministerie van Defensie, te weten Plein 4, ingang Kalvermarkt 32 en ingang expeditie belegerd.

Hierbij zal onder andere gebruik worden gemaakt van dranghekken. Op het moment van de actie zal elk kwartier 1 minuut lang geluid worden gemaakt (sirenes, en mogelijk andere geluidsmakers).

Na afloop is er voor de aanwezige pers een persconferentie in de tent op het Plein.

Bron:http://www.defensiepersoneelinactie.nl/
9
Strijd tegen terrorisme / Vredesonderwijs en wereldregering kunnen terrorisme verminderen
« Laatste bericht door Andros Wald Gepost op 05/09/2017 | 17:47 uur »
Terrorisme lijkt een groeiend probleem in West-Europa. En de kans op een nucleaire oorlog blijft reëel. Deze beide problemen zijn volgens mij onder andere aan te pakken door het internationaal aanbieden van vredesonderwijs, via radio, tv en internet. En door het invoeren van een humane, transparante, democratische wereldregering. Voor het verminderen van oorlogen, is het ook nodig om een gezamenlijke wereldtaal te hebben, zoals Engels of Esperanto.

Door een gezamenlijke wereldregering kunnen oorlogsgeweld en terrorisme vermoedelijk worden verminderd, doordat de tegenstellingen tussen verschillende volkeren dan kunnen verminderen.

Door een gezamenlijke wereldtaal, kan er veel geld en tijd voor het leren van andere talen worden bespaard, en zullen mensen van verschillende culturen elkaar vermoedelijk beter begrijpen.

Bij vredesonderwijs leren mensen over verdraagzaamheid en vreedzame conflictbemiddeling.

Wikipedia over peace-education:

https://en.wikipedia.org/wiki/Peace_education

Wikipedia over world-government:

https://en.wikipedia.org/wiki/World_government
10
Historie / Nederlands Nieuw-Guinea
« Laatste bericht door Reinier Gepost op 02/09/2017 | 13:58 uur »
Eerherstel voor Joseph Luns in kwestie Nieuw-Guinea, die bijna voor oorlog zorgde

Joseph Luns, minister van Buitenlandse Zaken van 1952 tot 1971, wordt vaak verguisd om zijn rol in de Nieuw-Guineakwestie, die Nederland in 1962 bijna in oorlog bracht met Indonesië. Historicus Bart Stol deed vernieuwend onderzoek en concludeert: „Luns ging in de kern rationeel en weloverwogen te werk.”

Het had in 1962 weinig gescheeld of er was oorlog uitgebroken tussen Nederland en Indonesië. Strijdpunt was het bezit van Nieuw-Guinea. Bij de onafhankelijkheid van Indonesië in 1949 was Nieuw-Guinea bij Nederland gebleven. Vervolgens probeerde Indonesië het gebied alsnog in bezit te krijgen, zo nodig met militair geweld.

Over de kwestie Nieuw-Guinea is veel geschreven, en bijna nooit komt Nederland er goed van af. Het zou zich door frustraties en emoties hebben laten leiden. De zwartepiet in de Nieuw- Guineakwestie is steevast minister van Buitenlandse Zaken Joseph Luns. Hij zou zich hebben verkeken op de internationale steun voor zijn beleid.

Deze voorstelling wordt betwist door Bart Stol, die vandaag aan de Universiteit Utrecht op de Nieuw-Guineakwestie promoveerde. Volgens Stol waren er wel emoties en frustraties over het verlies van Indië, maar speelden ze geen doorslaggevende rol in de besluitvorming. Het Nieuw-Guineabeleid was vooral gebaseerd op een –zeker in die tijd– reële afweging van kosten en baten en werd gesteund door andere koloniale mogendheden.

Ruim vijftig jaar na dato blijkt veel dus anders dan het leek. Hoe is dat mogelijk?

„De meeste literatuur over dit onderwerp belicht vooral de Nederlandse, Indonesische en Amerikaanse kant van de zaak. Ze gaat over regeringsbeleid, over de houding van de politieke partijen en fracties of over het optreden van bewindslieden en diplomaten, zoals Joseph Luns.

De historische discussie over de Nieuw-Guineakwestie is lange tijd vooral gegaan over de vermeende toezegging van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Foster Dulles aan Luns: dat Nederland op Amerikaanse militaire steun mocht rekenen tegen Indonesië. Daardoor heeft het historisch onderzoek zich vooral gericht op de rol van Nederland, Indonesië en de Verenigde Staten.

Maar andere landen, zoals Engeland, Frankrijk, België en Portugal, waren ook bij het conflict betrokken, zo blijkt uit mijn onderzoek. Ik ontdekte nieuwe feiten, die nieuwe interpretaties mogelijk maakten, zodat het beeld van de Nieuw-Guineacrisis heel anders wordt.”

Had u een eurekamoment of ontstond het inzicht geleidelijk?

„Ik ben daar al schrijvend achtergekomen. Tijdens het archiefonderzoek zag ik vaak dat het oude beeld niet klopt of onvolledig is. Dat oude beeld is vooral bepaald door het proefschrift van de politicoloog Arend Lijphart uit 1966, ”The Trauma of Decolonization. The Dutch & West New Guinea”. Volgens Lijphart werd het Nederlandse beleid inzake Nieuw-Guinea bepaald door het trauma over de afgedwongen onafhankelijkheid van Indonesië in 1949.

Deze visie keert telkens terug in de Nederlandse literatuur over dit onderwerp, veelal kritiekloos, alsof niemand er nog aan twijfelt. Als je aannemelijk kunt maken dat je ook op een andere manier naar de kwestie Nieuw-Guinea kunt kijken, of dat Lijphart zich op cruciale punten vergist, verliezen veel van de bestaande conclusies die op het boek van Lijphart gebaseerd zijn, aan betekenis.

Voor de duidelijkheid: ik heb veel respect voor Lijphart, maar zijn analyse is gebaseerd op de Handelingen van de Tweede Kamer, op artikelen in kranten, en op pamfletten en brochures. Het zijn prachtige bronnen. Ze laten zien hoe de Nederlanders dachten en welke emoties er speelden.

Alleen betwijfel ik of de gedachten en de emoties van de Nederlanders de doorslag hebben gegeven in de besluitvorming over Nieuw-Guinea. Daarvoor moet je, denk ik, ook andere bronnen raadplegen.”

Welke bronnen hebt u gebruikt?

„Ik heb naast Nederlandse en Amerikaanse veel Franse, Britse en Belgische bronnen bestudeerd, zoals de verslagen van de ministerraad, stukken van het ministerie van Buitenlandse Zaken en Defensie, maar ook privéarchieven, van bijvoorbeeld Luns, Drees, Romme en De Gaulle.”

Die bronnen zijn toch niet nieuw?

„Luns en veel andere politici hoopten op het vertrek van Sukarno door een staatsgreep, een aanslag of een ziekte, waarna er met zijn opvolger onderhandeld kon worden. Ze hoopten op een regime change.

In de literatuur over dit onderwerp wordt dit niet genoemd of slechts aangestipt. Het wordt niet verwerkt in een brede analyse van de kwestie. Dat doe ik wel. Het blijkt dat het wachten op een regime change het Nieuw-Guineabeleid vanaf omstreeks 1961 ging beheersen. Het aanvankelijke motief om de bewoners van Nieuw-Guinea, de Papoea’s, zelfbeschikkingsrecht te geven, verdween steeds meer naar de achtergrond.”

Luns wordt verweten dat hij te lang vasthield aan het behoud van Nieuw-Guinea.

„Luns ging in de kern rationeel en weloverwogen te werk. Hij heeft vanaf 1958 geprobeerd een garantie van de Amerikanen te krijgen dat ze Nederland militaire steun zouden geven als Indonesië Nieuw-Guinea binnenviel. Maar de Amerikanen beloofden niets, en Luns wist dat.

Uit de bronnen blijkt dat hij rekening hield met diplomatieke en logistieke steun, maar sceptisch was over militaire steun. Luns heeft dat duidelijk gezegd in het kabinet en in de Kamercommissie voor buitenlandse zaken, maar dat hoorde verder niemand, want er gold een geheimhoudingsplicht.

Tegelijk wilde Luns nog even wachten met onderhandelingen over de overdracht van Nieuw-Guinea tot Sukarno van het toneel verdwenen was. Dat was niet onredelijk. Rond 1957 namen de spanningen toe in de Indonesische politiek, er gingen geruchten over een staatsgreep tegen Sukarno.

Luns wist ook dat de Indonesiërs nog niet klaar waren voor een aanval op Nieuw-Guinea, ook al dreigden ze ermee. Hij probeerde in de publieke ruimte de indruk te wekken dat Nederland op Amerikaanse steun kon rekenen in geval van een aanval op Nieuw-Guinea. Dat was een schimmig verhaal, het spel van de diplomaat.

Vooral de PvdA kwam daartegen in verzet. Vooraanstaande Kamerleden als Goedhart en De Kadt zeiden dat Luns in sprookjes geloofde en probeerden hem tot duidelijkheid te dwingen, want ze wisten dat de Amerikanen niets gegarandeerd hadden. Binnenskamers, in het kabinet en in de Kamercommissie voor buitenlandse zaken, liet Luns er immers geen twijfel over bestaan hoe de vork in de steel zat.”

Wat wilde Luns met vertraagde overdracht bereiken?

„Daarover was hij vaag. Hij volgde zijn eigen lijn, de lijn-Luns. Die hield in: laten we wachten tot Sukarno verdwenen is en dan gaan onderhandelen met het nieuwe bewind. Luns dacht waarschijnlijk dat het nieuwe bewind wat meer op het Westen zou zijn georiënteerd dan Sukarno, die Moskou om wapens vroeg en Nederlandse bedrijven uit Indonesië verdreven had.

Luns hoopte waarschijnlijk betere afspraken te maken over de terugkeer van de Nederlandse bedrijven en over de positie van de Papoea’s. Maar wat hij precies voor ogen had, bleef vaag en onbepaald.”

Volgens recent onderzoek mocht Sukarno wellicht rekenen op militaire steun van de Sovjet-Unie. In 1962 lagen er zelfs Russische onderzeeërs klaar, compleet met Russische vrijwilligers, voor een aanval op Nieuw-Guinea. Waarom hebben de Verenigde Staten Nederland zo lang de hand boven het hoofd gehouden?

„Uit Amerikaanse bronnen blijkt dat de regering-Eisenhower en zeker de regering-Kennedy met de kwestie in hun maag zaten. Zij wilden Indonesië graag te vriend houden en niet in de armen van de Sovjet-Unie drijven.

Maar als zij Sukarno z’n zin zouden geven door aan te sturen op de overdracht van Nieuw-Guinea zouden jonge naties in Afrika en Azië ook kunnen proberen om de beide supermachten tegen elkaar uit te spelen.

De Fransen bijvoorbeeld hadden begrip voor Luns en waarschuwden de Amerikanen alvast: als Sukarno vandaag z’n zin krijgt in de kwestie Nieuw-Guinea, zal Marokko morgen z’n gang gaan in Mauritanië. De Amerikanen waren gevoelig voor die waarschuwing.”

Waarom zijn de Verenigde Staten toch gezwicht voor Sukarno?

„Vooral omdat de publieke opinie in Nederland snel aan het veranderen was. Het geloof dat Amerika Nederland zou steunen in een militair conflict met Indonesië nam zienderogen af. Ook door de kritiek van de PvdA op Luns.

De roep om onderhandelingen met Sukarno klonk steeds luider. Dat is de Amerikaanse regering niet ontgaan. Toen was er weinig meer nodig om de overdracht van Nieuw-Guinea de beslissende duw te geven.”

Bart Stol is verbonden aan het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis in Nijmegen en aan Maastricht University. Zijn proefschrift heet ”Een goede kleine koloniale mogendheid. Nederland, Nieuw-Guinea en de Europese tweede koloniale bezetting in Afrika en Melanesië (ca. 1930-1962)”. Stol werkt momenteel aan een handelseditie.

https://www.rd.nl/vandaag/buitenland/eerherstel-voor-joseph-luns-in-kwestie-nieuw-guinea-die-bijna-voor-oorlog-zorgde-1.1425948
Pagina's: [1] 2 3 ... 10