Auteur Topic: Groeiende animo voor studie KIM  (gelezen 1130 keer)

0 leden en 1 gast bekijken dit topic.

Lex

  • Algeheel Beheerder
  • ERG FANATIEK
  • ******
  • Berichten: 31127
Groeiende animo voor studie KIM
« Reactie #1 Gepost op: 25/10/2018 | 18:50 uur »
Groeiende animo voor studie KIM

DEN HELDER
Het zijn mooie tijden voor het Koninklijk Instituut voor de Marine, want er liggen veel ijzers in het vuur.

Hoewel Defensie moeite heeft met het werven van personeel zijn dit najaar toch weer ruim honderd adelborsten aan hun opleiding tot marineofficier begonnen.

Decaan Patrick Oonincx, verantwoordelijk voor de faculteit van de Nederlandse Defensie Academie (NLDA), ziet zijn koren bloeien: „Het ministerie van defensie krijgt na een kwart eeuw bezuinigen meer geld op de begroting. Voor ons als academie betekent dat nieuwe kansen voor militair onderzoek en inspelen op een groeiende vraag aan officieren met nieuwe onderwijsvarianten.”

Scepter
Prof.dr.ir. Oonincx zwaait de scepter over ongeveer 120 docenten die wetenschappelijk onderwijs geven op de twee studielocaties van de NLDA: Breda en Den Helder. In Breda zijn circa 275 jonge militairen dit jaar aan hun officiersopleiding begonnen. Oonincx ging zelf in het vorige decennium als docent Wiskunde op het KIM aan de slag. Na zestien jaar staat hij als decaan aan het hoofd van de faculteit. Omdat Oonincx steeds vaker in Breda en Den Haag moet zijn voor het werk, heeft hij Heemskerk inmiddels verruild voor een woonplaats in Brabant.

De decaan is blij dat de Koninklijke Militaire Academie en het Koninklijk Instituut voor de Marine steeds nauwer samenwerken met de faculteit binnen de academie: „Ik zie echt verschil met 2002 toen ik op het KIM begon. In die tijd waren er nog duidelijk verschillende bloedgroepen. De krijgsmacht – en dus ook de NLDA – wordt steeds paarser. Het donkerblauw van de marine, groen van landmacht, grijs van de luchtmacht en blauw van de marechaussee vermengen zich tot één paarse organisatie waarbij het niet uit moet maken van welk wapen je afkomstig bent.”

Grenzen
De decaan ziet dat principe elke dag op de werkvloer in praktijk gebracht: „In Breda volgen heel wat adelborsten college. Ze zitten in de banken met cadetten van land- en luchtmacht en marechaussee. Hetzelfde zie je hier in Den Helder, waar we het technisch onderwijs gecentraliseerd hebben. In toenemende mate volgen echter ook ambtenaren van andere ministeries college op de Defensie Academie. We zien dit vooral bij onze master Military Strategic Studies. Internationaal verwelkomen we ook een gemêleerd gezelschap bij een master die gericht is op Strategic Border Management. Een actueel onderwerp in een Europa dat zich aan het herbezinnen is op het bewaken van de buitengrenzen.”

Naast civiele studenten uit de overheidswereld, tonen werknemers van defensie-gerelateerde bedrijven zoals scheepsbouwer Damen en radarmaker Thales interesse in de collegebanken van Den Helder en Breda. Oonincx: „Dat is een interessante ontwikkeling. De ondernemingen zien in onze opleidingen voor hun werknemers een mooie manier om kennis en contacten met NLDA-studenten te combineren. Contacten waar beide partijen ook in een toekomstige samenwerking tussen klant en opdrachtnemer voordeel van kunnen hebben.”

Binnen de marine wordt het samenspel met de defensie-industrie en kennisinstellingen als TNO en Marin de ’Gouden Driehoek’ genoemd. Van oudsher is de zeemacht gewend met dit soort partners schepen en apparatuur te ontwerpen en te bouwen. Damen ligt als erfopvolger van befaamde scheepswerven als de RDM en de Koninklijke Schelde inmiddels aan het voorspeen voor de bouw van M-fregatten en een nieuwe bevoorrader. Daarnaast is Damen in combinatie met het Zweedse Saab in de race voor de vervanging van onderzeeboten. Eind van dit jaar verwacht de overheid nadere stappen te zetten in het proces dat leidt tot de volgende generatie onderzeeërs.

Onderzoek
Als wetenschapper hecht professor Oonincx zeer aan diepgaand onderzoek: „Dat is fundamenteel opbouwend en zeker in het belang van de krijgsmacht. We streven er naar om studenten die een master volgen het onderwerp voor hun scriptie uit de praktijk te laten halen. Door een bestaand probleem of knelpunt te onderzoeken en met een wetenschappelijk verantwoorde oplossing te komen, sla je twee vliegen in een klap. De student kan een mooie scriptie schrijven en er wordt een bijdrage geleverd aan het proces op de werkvloer. Op die manier bewijs je als NLDA dubbel je bestaansrecht. Niet alleen door militairen of burgers op een hoger academisch niveau te brengen, maar ook de krijgsmacht, andere ministeries en de maatschappij er beter van te laten worden.”

Groen
Op de technische campus KIM wordt momenteel onderzoek verricht naar ’groene oorlogsschepen’. Dat zijn schepen die varen op alternatieve brandstoffen of minder uitstoot veroorzaken: „Vice-admiraal Borsboom had het enkele jaren geleden al over de ’low carbon navy’”, zegt de decaan. „Naast de scheepsdieselmotor die we in gebouw Medemblik hadden staan is inmiddels een scheepsmotor gekomen die op gas draait. Verder is onderzoek naar alternatieve energiebronnen opgestart met de TU Delft en stuurt diezelfde TU Delft elk jaar een groep studenten die bij de scheepsmotor metingen verricht in een practicum. De lijn tussen onze academie en de TU Delft wordt hiermee nog meer verstevigd. Bij dit onderzoek naar energiebronnen werken we verder samen met het Marinebedrijf, het Marin en proberen we aan te haken bij onderzoek van het NIOZ op Texel. Voor officieren van de Koninklijke Marine zijn we bezig met promotietrajecten voor high-potentials, die bij de faculteit een aantal jaar onderzoek kunnen verrichten. Er liggen dus flink wat ijzers in het vuur.”

Ruim een jaar geleden begon de eerste technische masterstudie in Den Helder. Volgens Oonincx loopt het goed: „Het is een 1-jarige master die over twee jaar wordt verdeeld. Elke vrijdag komen de masterstudenten naar het KIM. Voor mensen met een HTS-opleiding bieden we momenteel een schakeltraject aan om het niveau van wis- en natuurkunde op te vijzelen, zodat de doelgroep verbreed wordt. In het tweede jaar staat het schrijven van een scriptie op het programma. Door onderwerpen uit de praktijk te halen kunnen ze hun werkgever geld besparen. Die hoeft geen ingenieursbureau in te huren om een probleem op te lossen. Dat kunnen wij samen met de student ook doen bij de eindscriptie.”

NHD, 25-10-2018, 16:34