Archief > Archief Vakbonden & Verenigingen

Overleg opgeschort na mislukt overleg WUL, fijn cadeautje van onze MinDef.

(1/1)

Graymarcello:
Overleg opgeschort na mislukt overleg WUL

21 december 2012

Vandaag hebben de Centrales van Overheidspersoneel de minister van Defensie, in een ultieme poging, nog een kans gegeven om haar militairen te compenseren voor het dreigende koopkrachtverlies per 1 januari 2013 ten gevolge van de invoering van de Wet Uniformering Loonbegrip (WUL). Tijdens dit overleg heeft de minister haar militairen een  gedeeltelijke compensatie voor de duur van één jaar aangeboden.

Dit aanbod is voor de CMHF-sector Defensie en de overige Centrales van Overheidspersoneel absoluut onvoldoende. Om die reden hebben alle Centrales besloten om al het overleg met Defensie tot nader order op te schorten.

De CMHF-sector Defensie betreurt deze stap ten zeerste, omdat hiermee ook de reorganisaties stil komen te liggen. Een extra structureel koopkrachtverlies van 2,5 a 5% bovenop de maatregelen van het Kabinet Rutte II, waardoor het totale koopkrachtverlies voor militairen tot 2017 oploopt tot 10 a 15% is echter onacceptabel.
 
Effecten WUL versus de geboden compensatie
De invoering van de WUL beoogt het loonstrookje te vereenvoudigen,  met een (nagenoeg) neutraal effect. Hiertoe schaft de WUL de inkomensafhankelijke premie ziektekostenverzekering voor de werknemer af, onder gelijktijdige verhoging van de inkomstenbelasting. Omdat militairen, vanwege de bijzondere eisen die worden gesteld aan het beroep van militair, een eigen zorgstelsel kennen (SZVK) met een eigen ziektekostenpremie, ervaart de militair alleen het negatieve effect van de belastingverhoging. Dit leidt tot een structureel koopkrachtverlies van gemiddeld 3,5%, met uitschieters tot 4,7%
 
Defensie wilde hier slechts een gedeeltelijke compensatie voor de duur van één jaar tegenover stellen. Uitsluitend voor 2013 zouden de effecten dan beperkt blijven tot een koopkrachtverlies van 0,8 á 1,2%. Defensie stelde niet meer te kunnen bieden omdat het ministerie van Financiën niet bereid was om meer ruimte te bieden. Saillant detail: Defensie moet de compensatie wel uit de eigen begroting betalen, terwijl de extra belastinginkomsten bij Financiën blijven! Over eventuele compensatie voor 2014 en verder zou dan kunnen worden gesproken in het arbeidsvoorwaardenoverleg. Dit dient dan wel te gebeuren binnen de afspraken van het Regeerakkoord (tweejarige nullijn).
 
Onacceptabel
Voor de CMHF-sector Defensie is dit aanbod absoluut onacceptabel. Door de invoering van de WUL resteert voor het ministerie van Financiën een batig saldo, omdat tegenover de extra belastinginkomsten over de militaire salarissen geen kosten staan. Dit batig saldo zou naar Defensie terug moeten worden gesluisd om de effecten van de WUL te compenseren. Daarmee wordt immers invulling gegeven aan het beoogde effect: (nagenoeg) neutraal.
 
Het huidige aanbod resulteert niet alleen in een fors koopkrachtverlies voor de militair, maar ook in een eenmalige bezuiniging op de Defensiebegroting. Om de geboden compensatie te kunnen betalen dient Defensie immers ergens in de begroting het benodigde bedrag vrij te maken. Dit gaat dus ten koste van de inzetbaarheid van de krijgsmacht.
 
Ook het aanbod van Defensie om in het arbeidsvoorwaardenoverleg te praten over eventuele compensatie voor 2014 en verder is voor de CMHF-sector Defensie onacceptabel. Voor 2014 geldt een budgettaire nullijn voor ambtenaren. De benodigde compensatie van 3,5% moet dus uit de bestaande arbeidsvoorwaarden worden betaald: een sigaar uit eigen doos.
 
De militair wordt drie maal getroffen. Resultaat: 10 a 15% koopkrachtverlies
Premier Rutte sprak bij de totstandkoming van het Regeerakkoord ‘Bruggen slaan’ van een koopkrachtverlies van 0 tot 4% in 2017. Premier Rutte ‘vergat’ er wel bij te zeggen dat hij er dan van uitging dat de lonen jaarlijks met 1,5% stijgen.
Voor ambtenaren gaat deze laatste vlieger dus al niet op, gezien de eveneens in het Regeerakkoord opgenomen tweejarige nullijn.
Naast de maatregelen die elke burger in Nederland treft en de nullijn die ambtenaren treft, wordt de militair nu dus voor een derde maal getroffen door maatregelen die de koopkracht negatief beïnvloeden. Dit is niet alleen het negatieve effect van de WUL, maar onder andere ook de stijging van de ziektekostenpremie militairen. Per saldo resulteert dit in een koopkrachtverlies van 7 a 8,5% in 2013 oplopende tot 10 a 15% in 2017. (Indien aanvullende bezuinigingen leiden tot een verlenging van de nullijn, kan dit zelfs oplopen tot een koopkrachtverlies van 13 a 18% in 2017!)
 
Uitgeleverd aan Financiën
Defensie gaf aan te willen benadrukken dat zij zich als werkgever onder de gegeven omstandigheden maximaal heeft ingespannen om de ongewenste effecten van de WUL voor 2013 te mitigeren. De CMHF-sector Defensie deelt deze mening absoluut niet. In het voortraject van de totstandkoming van de WUL heeft Defensie meerdere malen de mogelijkheid gehad om aan de bel te trekken. Defensie heeft echter liggen slapen en deze geboden mogelijkheden niet aangegrepen. Pas nadat het wetgevingsproces was afgerond is Defensie gaan bewegen. In het overleg heeft Defensie aangegeven inderdaad te laat te hebben gereageerd. De CMHF-sector Defensie vindt het uitermate wrang om te moeten concluderen dat het Defensie zelf is geweest die de militairen heeft uitgeleverd aan het ministerie van Financiën.
 
Irreguliere uitstroom
De zeer beperkte verbetering van de (primaire) arbeidsvoorwaarden sinds 2009 in combinatie met de reorganisaties, gedwongen ontslagen en beperkte carrière mogelijkheden, als gevolg van de opgedragen bezuiniging van € 1 miljard, hebben in 2011 en 2012 geleid tot een vergrote irreguliere uitstroom. Het betrof hier echter met name irreguliere uitstroom in de onderbouw, de categorie militairen die Defensie juist wenst te behouden. De CMHF-sector Defensie is er van overtuigd dat het niet structureel compenseren van de negatieve effecten van de WUL voor militairen de irreguliere uitstroom van met name de militairen in de onderbouw verder zal aanwakkeren. Met hun opgedane kennis, ervaring en competenties, zijn zij immers nog wel zeer gewild op de huidige arbeidsmarkt. Een verdere irreguliere uitstroom van deze categorie militairen zal de operationele inzetbaarheid van de Krijgsmacht echter verder aantasten.
 
Kabinet Rutte-II gaat verder waar Rutte-I is gestopt
Bij haar aantreden als minister van Defensie gaf Jeanine Hennis-Plasschaert te kennen dat zij zich de komende vier jaar sterk wilde maken voor Defensie. Klaarblijkelijk sloeg dit niet op het defensiepersoneel, want op het eerste dossier waarin zij had kunnen tonen zich (ook) hard te maken voor haar militairen, blijkt dat zij dit in het Kabinet niet heeft kunnen waarmaken.

Bron Prodef

Navigatie

[0] Berichtenindex

Naar de volledige versie